Feeds:
Berichten
Reacties

Ruim 50 procent van de gebouwen in Nederland behoudt bij de invoering van de nieuwe bepalingsmethoden voor het meten van de energieprestatie van gebouwen – de NTA 8800 – zijn huidige energielabel.

Afgelopen januari werd bekend dat de invoering van het nieuwe energielabel voor woningen in tegenstelling tot eerdere berichten niet op 1 juli 2020 maar pas op 1 januari 2021 ingevoerd zal worden. Dit  label vervangt de systematiek van het huidige het Vereenvoudigd Energielabel (VEL) (het z.g. ‘doe het zelf’ label) voor een veel nauwkeuriger vaststelling van de energie prestatie van de woning. De energieprestatie zal uitgedrukt worden in een indicator van het primaire energieverbruik in kWh/m2 per jaar. Om hieraan te kunnen voldoen is er een nieuwe bepalingsmethode vastgesteld (NTA 8800) die de verschillende bestaande methoden gaat vervangen.

Voor de woningeigenaar betekent het vervallen van het VEL dat er hogere kosten zullen zijn op het moment dat hij of zij de woning wil verkopen of verhuren en nog geen geldig energielabel voor de woning heeft. Daar staat als voordeel tegenover een beter inzicht in welke maatregelen er genomen kunnen worden om de energieprestatie te verhogen. Voor de bepaling zal een bezoek aan huis van een daarvoor gekwalificeerde Energie Prestatie Adviseur noodzakelijk zijn.

 Verschuivingen energielabel niet te voorkomen
In de variant die nu door de overheid onderzocht wordt, blijft de verdeling over de verschillende labelklassen gemiddeld gelijk. Daardoor blijven zoveel mogelijk woningen in dezelfde labelklasse. Het uitgangspunt is namelijk een zuiver technische en zoveel mogelijk beleidsneutrale overgang. Toch zullen sommige woningen met de NTA 8800 een betere of slechtere labelletter krijgen dan met de oude bepalingsmethode. Zo behoudt 53 procent dezelfde labelletter, 21 procent verschuift naar één labelklasse beter en 17 procent verschuift naar één labelklasse slechter.

Dat er toch verschuivingen optreden, is volgens het ministerie niet te voorkomen. De verschuivingen hebben verschillende oorzaken, maar hebben met name te maken met de toegenomen invloed van de geometrie van het gebouw op de uitkomst en met de actualisatie van de primaire energiefactor (PEF) voor elektriciteit.

 Woningen met zonnepanelen scoren slechter
Met de geometrie van het gebouw wordt in dit verband de verhouding tussen de verliesoppervlakte van de schil (gevels, dak en vloer) en de gebruiksoppervlakte (vloeren) bedoeld, ook wel de compactheid van het gebouw. Ter illustratie: in een rijtje met identieke woningen, zal de hoekwoning een slechtere energieprestatie krijgen, doordat deze meer verliesoppervlakte heeft (namelijk een zijgevel) dan de tussenwoning. De woning verliest meer energie door deze extra buitengevel en heeft dus naar verwachting een hoger primair fossiel energiegebruik (PEF). In de oude methode werd deze geometrie niet meegenomen, wat leidde tot uitkomsten die minder correlatie hadden met de werkelijke energieverbruiken.

De PEF drukt uit hoeveel kilowattuur fossiele energie gebruikt wordt voor de productie van 1 kilowattuur elektriciteit. In de NTA 8800 is de PEF van elektriciteit veel lager geworden, omdat de opwekking van stroom de laatste jaren duurzamer is geworden. ‘Daardoor gaan woningen met elektrische installaties beter scoren, maar woningen met veel eigen zonnestroom (door middel van zonnepanelen) juist slechter’, schrijft het ministerie in de conceptregeling die nu ter consultatie voorligt. ‘Bij woningen is ervoor gekozen om extra energielabelklassen toe te voegen om nieuwbouw en zeer energiezuinige woningen beter te kunnen onderscheiden.

 

In het SER-energieakkoord staat dat alle woningen zonder energielabel een verplicht indicatief label krijgen. Oorspronkelijk zou het label vastgesteld worden op basis van kenmerken die bij het kadaster staan geregistreerd, zoals bouwjaar, type woning etc. Het aanzienlijke deel van onze woningvoorraad, gebouwd vóór 1980, zou op basis daarvan een rood label F of G krijgen, om aan te geven hoe energie-onzuinig deze woningen zijn.

Een woningbezitter die heeft geïnvesteerd in energiebesparende maatregelen, kan via een eenvoudige procedure een gunstiger label verkrijgen. Mogelijk stimuleert dit de buurman of -vrouw die dat nog niet heeft gedaan, om het goede voorbeeld van de nabuur te volgen. Goed voor het comfort, de portemonnee en het milieu. Precies de beoogde “bewustwording”.

Simpel toch? Dus niet: de praktijk dreigt anders uit te pakken!

Angst voor negatieve effecten
Het Ministerie van Binnenlandse Zaken (BZK) heeft namelijk NIET besloten voor de eenvoudige vaststelling van het indicatieve label op basis van deze uitgangspunten maar een inschatting te maken van de gemiddelde (dichtst mogelijke benadering) energieprestatie van de woningen. Alleen op basis van bouwjaar de woningkenmerken vaststellen zou volgens BZK “de geloofwaardigheid van het indicatieve energielabel te veel ondermijnen en als gevolg hebben dat mensen dit voorlopig energielabel niet als een serieuze indicatie zullen opvatten”.

Uit reacties van bewoners in enkele jaren-’70 wijken in gemeente De Bilt blijkt echter dat het tegendeel zich voordoet. Als de huidige beleidslijn wordt voortgezet zal dit juist als effect hebben dat het indicatieve energielabel niet serieus genomen wordt en de achterliggende doelstelling, zoals in het Energieakkoord verwoord, dus niet gerealiseerd wordt. Daarmee dreigt het energielabel van Blok een valse start te krijgen. Het onderstaande scenario speelt zich namelijk nu al af.

Energieverspillers beloond, bespaarders gestraft!
Het huidige “systeem van Blok” geeft de woningen in de onderzochte wijk op de – van overheidswege gelanceerde – website http://energielabel-checker.rvo.nl/ vanzelf een groen C- label. Dat is merkwaardigerwijs zelfs veel gunstiger dan ik kan afleiden uit het WooN 2006 onderzoek dat BZK gebruikte voor het bepalen van de indicatieve labels. Veel ernstiger is echter dat door de keuze van een gemiddelde waarde, degenen die nog nooit energiebesparende maatregelen hebben genomen ‘beloond’ worden met een gunstig label. Wie daarentegen al veel maatregelen genomen heeft wordt ‘gestraft’ met een ongunstig label. Het effect dat het label tot bewustwording van verspilling  leidt wordt daarmee dan ook zeker niet bereikt.

Zo ontdekten bewoners in De Bilt dat hun buren zónder officieel energielabel, die niet deelgenomen hadden aan een collectieve actie voor vloerisolatie, een indicatief energielabel C krijgen. En dat terwijl hun eigen woning (zelfde type en bouwjaar), waar wel in isolatie is geïnvesteerd, het officiële maar minder gunstige label D krijgt opgeplakt…
In algemene zin dus een flinke afstraffing van mensen die hun woning van label G tot label E of D weten op te krikken en dat laten vastleggen door een gecertificeerde E(nergie) P(prestatie) A(dviseur). Hun buren die niets doen, noch investeren krijgen een gunstiger label cadeau!

Deel resultaten WoON 2006Naar aanleiding van verschillende kritische reacties heeft inmiddels overleg plaats gevonden tussen het ministerie en enkele marktpartijen. Door Jan Vos en Albert de Vries (PvdA) zijn in de Tweede Kamer vragen gesteld aan de minister over wat inmiddels de casus ‘De Bilt’ is gaan heten. Het antwoord dat de minister hier op 13 november jl. heeft gegeven stemt desondanks niet optimistisch. Wel zegt hij daarin toe dat het WooN 2006-onderzoek, waarop het gemiddelde is gebaseerd, nog eens getoetst wordt door een onafhankelijk deskundige en is als gevolg daarvan, kennelijk om verwarring te voorkomen, de site energielabelvoorwoningen.nl weer uit de lucht gehaald. Het belangrijkste bezwaar, namelijk dat er per bouwjaar bij elke categorie ongecertificeerde woningen van een gemiddelde energetische waarde wordt uitgegaan, wordt vooralsnog niet weggenomen. De  consequentie dat energieverspillers beloond en bespaarders gestraft worden blijft daardoor als “zwaard van Damocles”  boven het beoogde gunstige effect van het indicatieve energielabel hangen.

Geef het energielabel een faire kans van slagen!
Werk aan de winkel dus voor alle betrokkenen die het energielabel een kans tot slagen gunnen. In de gebouwde omgeving verstoken we meer dan één derde van onze totale energieverbruik en onze woningen hebben daar een belangrijk aandeel in. Maak dus geen flop van deze belangrijke actie uit het Energieakkoord. Overtuig de minister ervan dat hij beter ten halve kan keren dan ten hele dwalen. Het oorspronkelijk uitgangspunt blijft de beste optie, waarmee de achterliggende doelstellingen van de afspraak in het Energieakkoord over “werken aan bewustwording” kunnen worden behaald.

Mijn advies aan de minister: Wees niet bang dat daarmee het label niet serieus genomen zal worden. Stuur in januari een simpel briefje naar deze bewoners in De Bilt, dat hun woning weliswaar een rood label draagt, maar dat zij inmiddels vast al eens hun cv-ketel vervangen hebben door een zuinige HR ketel en dat alleen dit al het de moeite waard maakt hun woning op te waarderen op de site die de overheid daarvoor heeft laten maken. Natuurlijk vind je op die site dan ook de tips om verder te werken aan energiebesparende maatregelen.

Dát is werken aan bewustwording! Goed voor het comfort, de portemonnee en het milieu. Je zou dat toch iedereen toewensen…?!

 

 

 

Na jarenlange discussie is het zover! Begin 2015 zal iedere Nederlander geïnformeerd worden over de mate waarin zijn woning energiezuinig is. Vanaf dat moment kun je een goed inzicht krijgen hoe dat persoonlijk er in jouw situatie uitziet. Hoe verhoudt zich bijvoorbeeld jouw energiehuishouding tot die van anderen in jouw buurt en wat voor maatregelen zijn interessant om je woning nog meer energiezuinig, maar ook vooral meer comfortabel te maken?

Mooi zult u zeggen, maar waarom dan een valse start? Wat dreigt is dat er aan een belangrijk deel van onze woningvoorraad een veel te positief label wordt toegekend. Hierdoor zal de maatregel bewoners van energie-slurpende woningen eerder in slaap sussen dan aanzetten tot het nemen van maatregelen. Wat is er precies aan de hand.…?

Het Energielabel vanaf begin 2015
Eerst een korte schets van wat ons te gebeuren staat. Vanaf 2015 gaat Nederland voldoen aan de afspraken die lang geleden binnen de EU gemaakt zijn. Maar dan wel met een geheel eigen oplossing. Die ziet er grofweg als volgt uit. Allereerst kennen we het ’formele’ energielabel, zoals dat al een tijdje bestaat en wordt opgesteld door een gecertificeerde E(nergie)P(prestatie)A(dviseur). Na een bezoek aan de woning berekent hij, met behulp van daarvoor speciaal ontwikkelde software, welke labelwaarde er aan de woning kan worden toegekend en registreert hij daarna dit met een label in de voor iedereen toegankelijke en door de overheid beheerde database. Lees verder »

Op de website van de SER houdt de commissie die de uitvoering van het Energieakkoord bewaakt, de z.g. Borgingscommissie, geïnteresseerden op de hoogte over de voortgang die gemaakt wordt. Hiervoor is een speciaal dashboard ontwikkeld. Het dashboard is een grafische weergave van de globale voortgang.

Ed Nijpels de voorzitter van deze commissie zegt daarover : “De implementatie van het Energieakkoord komt op stoom. Ons overlegsysteem werpt vruchten af en de uitvoering is continu te volgen op de website. We zitten nu in de fase dat de randvoorwaarden gereed zijn (of binnenkort gereed komen) die voor een stroomversnelling moeten zorgen. Met elkaar zullen we voortdurend alert moeten blijven op de voortgang.”

Lees verder »

Bron ENERGIEVASTGOED DOOR SIEBE SCHOOTSTRA  

Met de rijksbegroting 2015 is als onderdeel van de maatregelen voor de woningmarkt het “nieuwe” energielabel definitief geworden. Het nieuwe label heet “definitief” energielabel.

De naam voor het nieuwe label, “definitief” laat zich begrijpen door het geïntroduceerde “voorlopig” energielabel. Het huidige energielabel verliest haar status, al zal de grondslag voor de labelcategorie, de energieprestatieberekening en het energie prestatiecertificaat, opgaan in de nieuwe “energie-index”. Een en ander is in het voorjaarsakkoord al voorgesteld en aangekondigd, maar wordt nu ongewijzigd doorgezet. Lees verder »

Kruisbestuiving
De zoektocht naar een toekomst waarin duurzaam in onze energie kan worden voorzien kent vele onzekerheden, maar vormt ook een bron van creativiteit. In een wereld waarin wereldwijd simultaan kennis gedeeld kan worden, mogen we optimistisch zijn dat uiteindelijk de sleutel voor een duurzame toekomst gevonden zal worden  Wat doe je als iemand het initiatief neemt een web te weven van verschillende blogs en websites waarmee content uit gewisseld wordt en zegt het leuk te vinden een bijdrage te leveren aan je blog/website. Met plezier aanvaarden! Het onderwerpen van Willemijn: ‘Zonne-energie’ sluit goed aan waar wij ons mee bezig houden ‘energie besparing’. 

Hieronder dus de bijdrage van Willemijn Trommelen

ZonWaarom Zonne-energie
Omdat de wereldbevolking, met daarbij de welvaart, blijft groeien, is er steeds meer energie en voedsel nodig. Om aan deze vraag te kunnen voldoen, is het belangrijk dat de energie en het voedsel duurzaam geproduceerd wordt, dus met minder CO2 uitstoot en minder afval. Zonne-energie voldoet aan deze voorwaarden en dus is de zon een uitstekende energiebron.

Zonne-energie is warmte en licht dat afkomstig is van de zon. Er zijn verschillende redenen om over te gaan op zonne-energie.

De zon is altijd beschikbaar
De eerste reden om over te gaan op zonne-energie is omdat de zon altijd beschikbaar is en er dus altijd zonne-energie opgewekt kan worden. Natuurlijk verschillen het aantal zonuren per seizoen en zelfs per dag, waardoor het dus iedere dag verschilt hoeveel zonlicht er opgevangen kan worden. Zelfs wanneer het bewolkt is kan er nog zonne-energie worden geproduceerd. De intensiteit van het zonlicht is dan wel minder en de opbrengst zal dan ook minder hoog liggen dan op een zonnige dag.

Energiebesparing
Als u over zonne-energie beschikt wordt de reguliere stroom van uw energieleverancier aangevuld door zonne-energie. Hierdoor verbruikt u minder van uw ‘eigen’ energie, waardoor u energie bespaart. Het is uiteraard ook mogelijk om met zonne-energie in uw gehele energie te kunnen voorzien. Lees verder »

Over de keuzes bij het verplicht invoeren van een energielabel op alle Nederlandse woningen is al veel geschreven. EU-afspraken hierover worden binnen de huidige politiek voorgesteld als ’onzinnige regels die Brussel ons oplegt’. Terwijl onze eigen VROM (herinnert u zich dit ministerie nog?) het verplichte energielabel zelf heeft bedacht!

Op zijn ‘Nederlands’ is er lang en uitgebreid ’gepolderd’ over het ooit door minister Donner ingediende wetsvoorstel tot verplichtstelling van het label in Nederland, toen dit in veel EU landen al lang was ingevoerd. Uiteindelijk is er, in het kader van het Energieakkoord, tot een regeling besloten die de vereniging van makelaars VBO schertsend samenvat als het energielabel voor dummies! Het goede nieuws is dat de regeling een zogenaamd indicatief label toekent aan iedere woning, als deze nog niet van een ’gecertificeerd energielabel’ is voorzien. Lees verder »

%d bloggers liken dit: